Welke zekering bij welk stopcontact hoort: lezen in drie stappen
In een woning met een volledig dossier hoef je niet te gokken. Het situatieplan geeft elk stopcontact een code, het eendraadschema zet die code onder een automaat, en het bord draagt dezelfde letter. We tonen het op de achterste slaapkamer en op de leefruimte van onze rijwoning.
Stap 1: zoek het stopcontact op het plan
Neem het blad van de juiste bouwlaag en zoek de kamer. Elk stopcontact staat er als symbool tegen de muur, met een code ernaast. In slaapkamer 2 zijn dat E.1 tegen de muur aan de buren, en E.6 en E.7 onderaan, aan weerszijden van het bed.
Kijk op dit blad naar
- E.1: enkel stopcontact tegen de gemene muur bovenaan.
- E.6 en E.7: dubbele stopcontacten naast het bed.
- B.2: lichtpunt met de schakelaar naast de deur, ook B.2.
Stap 2: lees de letter en het nummer
Het AREI legt vast hoe die code in elkaar zit. De letter is de kring waartoe het stopcontact behoort. Het nummer is zijn plaats op het eendraadschema, waar de punten genummerd worden vanaf de beveiliging van die kring. E.6 is dus het zesde punt van kring E. Bij een schakelaar werkt het anders: hij neemt het nummer over van het licht dat hij aanstuurt, met de letter van zijn kring ervoor. Zo zet de schakelaar B.2 in het beeld het lichtpunt B.2 aan.
Bron: AREI Boek 1 versie 2026, onderafdeling 3.1.2.1 a (pdf 69).
Stap 3: vind de automaat met die letter
Op het eendraadschema staat onderaan elke kring de automaat: voor kring E een automaat van 20 A, kenmerk C. Elke automaat en elke differentieel in het bord hoort volgens het AREI een eigen etiket te dragen dat leesbaar blijft en niet wegveegt; enkel waar geen verwarring mogelijk is, mag die ontbreken. Staat er E op het etiket van een automaat, dan is dat de jouwe. Zet je die automaat uit, dan zijn alle zeven stopcontacten van de verdieping spanningsloos, ook die op de overloop en in de voorste slaapkamer.
Bron: AREI Boek 1 versie 2026, onderafdeling 3.1.3.1 (pdf 73).
Hetzelfde voor de leefruimte
Kijk op dit blad naar
- C.4 en C.5: dubbele stopcontacten, bij het tv-punt en tegen de muur aan de buren.
- A.7 en A.8: twee lichtpunten; de schakelaar A.7 naast de deur naar de hal bedient ze samen.
- UTP en COAX: data en tv, zonder kring en dus zonder code.
Hier hangt ook het stopcontact van de inkomhal, C.1, op dezelfde kring als de leefruimte. Dat zie je niet aan de kamer, wel aan de letter. Wie de automaat C uitzet om in de leefruimte een stopcontact te vervangen, maakt dus ook de hal spanningsloos. Werken aan de installatie laat je wel aan een elektricien over; het plan helpt je vooral om een storing te melden of de juiste automaat terug op te zetten.
Alle kringen van de voorbeeldwoning
| Letter | Naam op het schema | Automaat | Kabel | Achter differentieel | Waar in de woning |
|---|---|---|---|---|---|
| A | Licht kelder en gelijkvloers | C16A | 1,5 mm² | B (30 mA) | alle lichtpunten van kelder, hal, leefruimte, wc, kelderberging en keuken |
| B | Licht verdieping | C16A | 1,5 mm² | B (30 mA) | overloop en beide slaapkamers |
| C | Contactdozen hal en leefruimte | C20A | 2,5 mm² | B (30 mA) | C.1 in de hal, C.2 tot C.6 in de leefruimte |
| D | Contactdozen keuken | C20A | 2,5 mm² | B (30 mA) | vier stopcontacten, dampkap en koelkast |
| E | Contactdozen verdieping | C20A | 2,5 mm² | B (30 mA) | overloop en beide slaapkamers |
| F | Contactdozen kelder | C20A | 2,5 mm² | B (30 mA) | wasplaats en kelder |
| G | Badkamer | C16A | 2,5 mm² | C (30 mA) | licht, ventilator en stopcontact van de badkamer |
| H | Wasmachine | C20A | 2,5 mm² | C (30 mA) | wasplaats |
| J | Droogkast | C20A | 2,5 mm² | C (30 mA) | wasplaats |
| K | Vaatwasser | C20A | 2,5 mm² | C (30 mA) | keuken |
| L | Voor- en achtergevel | C16A | 2,5 mm² | C (30 mA) | lamp aan de voordeur, terraslamp, buitenstopcontact |
| M | Kookplaat | C32A | 6 mm² | A (300 mA) | keuken |
| N | Oven | C20A | 2,5 mm² | A (300 mA) | keuken |
| P | Boiler | C20A | 2,5 mm² | A (300 mA) | kelder |
De letters I en O komen in ons voorbeeld niet voor; we sloegen ze over zodat ze niet met 1 en 0 verward worden. De laatste kolom verklaart waarom soms meer uitvalt dan één kring: elke automaat hangt achter een differentieel. Valt differentieel B uit, dan zijn de kringen A tot F spanningsloos. Het AREI zet de stopcontacten, het licht, de badkamer en de toestellen die wassen, drogen of afwassen achter een gevoelige differentieel, in woningen meestal van 30 mA, en laat achter elke zulke differentieel niet meer dan acht kringen toe.
Bron: AREI Boek 1 versie 2026, onderafdeling 4.2.4.3 b (pdf 109-110).
Klopt de letter op het bord niet met het plan?
Het situatieplan moet volgens het AREI op elk ogenblik de bestaande toestand van de installatie weergeven. Zie je in het bord een andere indeling dan op het plan, dan is er na de laatste keuring iets veranderd. Laat dat door een elektricien nakijken en het plan aanpassen. Over de conformiteit beslist bij het volgende controlebezoek de keurder.
Wat je verder uit zo'n plan afleest, zoals de plaats van het bord en welke toestellen een eigen kring hebben, staat op de pagina wat het plan over de woning zegt.
Volgende stap
-
Je elektricien tekent het in SUPLAN
Elektriciens tekenen situatieplan en eendraadschema in de app van SUPLAN en leveren ze als PDF, klaar om in de map te steken.
Een proef van 7 dagen kost niets en vraagt geen betaalkaart. Ze geldt voor één dossier tot twee verdiepingen; elke PDF krijgt dan een watermerk. Daarna kost het vanaf €35 per maand, btw komt erbij; elke maand opzegbaar. Naar SUPLAN
-
SUPCON BV maakt het op
Woon je rond Keerbergen en heb je geen elektricien bij de hand, dan maakt SUPCON BV de plannen van je woning op.
Hoe dat verloopt, lees je bij SUPCON BV.
-
Een erkend organisme keurt
Het controlebezoek en het verslag komen altijd van een erkend organisme. Over de conformiteit beslist de keurder, niet de tekenaar.